MESH

MESH

MESH is het gedeelde register van bedrijfsmiddelen van Soveryne. Het houdt één record bij voor elk echt ding dat je organisatie in gebruik heeft, vult zichzelf vanuit de cloud- en directorybronnen die je koppelt, en laat je de bedrijfscontext en relaties toevoegen die geen enkele bron kan leveren.

Wat MESH doet

Eén register voor elk product. De bedrijfsmiddelen die je in Command registreert, de hosts die ATLAS ontdekt en de resources die uit je bronnen worden geïmporteerd, komen allemaal in hetzelfde register terecht. Command, ATLAS en MESH tonen dezelfde records.
Automatische import. MESH leest je inventaris uit Microsoft Azure, Amazon Web Services, Google Cloud en ServiceNow, en mensen, groepen en toegang uit Microsoft Entra en Google directory. Het ververst elk uur. Zie Bronnen koppelen.
Alleen-lezen. MESH leest alleen uit je bronnen. Het wijzigt er nooit iets in.
Context en relaties. Je voegt toe wat een bron niet kan weten, zoals bedrijfsdiensten, teams, gebouwen en racks, en verbindt ze: welk team verantwoordelijk is voor een dienst, welk systeem die ondersteunt, waar een server staat.
Een kaart. De pagina Workspace tekent alles als kaart, zodat je ziet hoe je omgeving in elkaar zit.

Wie het gebruikt

RolWat ze hier doen
BeheerderAlles: de kaart verkennen, contextentiteiten en relaties toevoegen en wijzigen, bronnen koppelen en beheren, en imports, de beoordelingswachtrij en activiteit bekijken.
Elk ander lid van de werkruimteDe kaart en de lijst op Workspace verkennen en elk record openen. Leden kunnen niets wijzigen.
Beheerder of CISO in CommandDe vragen die MESH over imports stelt beantwoorden, in Command. Zie Beoordelingswachtrij en importgeschiedenis.

Voordat je begint

Je logt in via de inlogpagina van Soveryne. Zie Single sign-on.
Om het register automatisch te vullen, koppelt een beheerder minstens één bron. Zie Bronnen koppelen. Je kunt ook beginnen met de bedrijfsmiddelen die je team in Command registreert, zie Bedrijfsmiddelen in Command.

Je weg vinden

De navigatie links toont de pagina's. Leden zien alleen Workspace.

PaginaWat het toontWie het ziet
WorkspaceHet register van bedrijfsmiddelen als kaart of lijst: bedrijfsmiddelen, contextentiteiten en hun relaties.Iedereen
People and groupsMensen, groepen en lidmaatschappen, gelezen uit je directory's en clouds.Beheerder
Workload identitiesServiceaccounts, service principals, managed identities, rollen en applicaties.Beheerder
Access inventoryRollen, policy's en roltoewijzingen: wie toegang heeft tot wat.Beheerder
Connected sourcesJe gekoppelde clouds en directory's, hun status en dekking. Zie Bronnen koppelen.Beheerder
Import historyElke importrun en hoe die is afgelopen. Zie Beoordelingswachtrij en importgeschiedenis.Beheerder
Review queueVragen die MESH heeft gesteld over geïmporteerde records. Zie Beoordelingswachtrij en importgeschiedenis.Beheerder
ActivityWie een bedrijfsmiddel in het register heeft gewijzigd, en wanneer.Beheerder

Om terug te gaan naar het Soveryne-portaal selecteer je het Soveryne-logo linksboven, of selecteer je je initialen rechtsboven en kies je Return to portal. Log out staat in hetzelfde menu.

De kaart verkennen

Iedereen kan dit doen. Workspace opent als kaart.

De Workspace-kaart met bedrijfsmiddelen en contextentiteiten, gegroepeerd per resourcetype en verbonden door relatielijnen
Elke stip is een bedrijfsmiddel of een contextentiteit. Elke lijn is een relatie.
Stippen zijn verzameld in benoemde groepen, elk met de naam en het aantal records erin, bijvoorbeeld "Applications & systems · 11".
De regel onder de kaart telt wat er is geladen, bijvoorbeeld "12 assets · 6 context entities · 8 relationships". De kaart tekent tot 120 stippen tegelijk. Zijn er meer, dan staat in de regel hoeveel er verborgen zijn; gebruik zoeken of filters om de kaart te beperken.
Selecteer een stip of een lijn om het record te openen. Zie Een record openen.

Zo beweeg je over de kaart:

Sleep de achtergrond om te verschuiven, en gebruik Zoom in (+) en Zoom out (−).
Selecteer Fit graph om de hele kaart op het scherm te passen.
Sleep een groep aan de rand of de naam om die te verplaatsen, of sleep een stip binnen de groep. Dubbelklik op een groep om die terug te zetten. Selecteer Reset layout om al je verplaatsingen ongedaan te maken. Je verplaatsingen worden niet bewaard als je de pagina verlaat.
Kies onder Layout voor Constellation of Orbit om te veranderen hoe de kaart wordt getekend.

De legenda onderaan (met een telling zoals "18 nodes · 8 connections · 5 groups") legt de lijnstijlen uit: "Solid: connection · dashed: dependency / usage · dotted: events / messages." De kleur van een lijn toont het soort relatie, bijvoorbeeld People / ownership of Physical connection, en een pictogram op de lijn toont het type.

De kaart doorzoeken en filteren

Typ in Search this page… om alleen de records te houden die op naam of type overeenkomen, plus de records die er direct mee verbonden zijn.
Selecteer Filters om het filterpaneel te openen:
Group by verandert hoe stippen worden gegroepeerd: Resource type, Physical location (rond gebouwen, datacenters en racks), Business service (rond je bedrijfsdiensten) of Connected groups (records die met elkaar verbonden zijn). Records die niet bij een groep horen, komen in een groep "Unassigned".
Vink onder Resource types, Relationship context en Relationship types een categorie uit om die te verbergen. Verborgen categorieën verbergen ook hun lijnen. Selecteer Show all om een sectie terug te halen. Filters toont hoeveel categorieën verborgen zijn.
Relationship labels zet het type bij elke lijn. Connection icons toont of verbergt de pictogrammen op de lijnen.
Het paneel Filters met Group by, resourcetypen en relatietypen

Als er niets meer te tonen is, meldt MESH "No visible nodes". Selecteer Restore graph categories om alles weer te tonen.

Bekijk: de kaart met bedrijfsmiddelen verkennen (ongeveer 1 min)

De lijstweergave gebruiken

Selecteer List view (de lijstknop boven de kaart) om het register als tabel te zien. Selecteer Graph view om terug te gaan naar de kaart.

De lijstweergave van Workspace met bedrijfsmiddelen en contextentiteiten, met hun soort en beschrijving
Kies onder List voor Resources (bedrijfsmiddelen en contextentiteiten, met Name, Asset kind en Description) of Relationships (met hun type, context, beide uiteinden en doel).
Selecteer een naam in de eerste kolom om het record te openen.
Een beheerder kan Show removed records (list view) aanvinken om verwijderde contextentiteiten en relaties mee te tonen.

Een record openen

Selecteer een stip, een lijn of een naam in de lijst. Het record opent in een venster. Links in een record openen in een nieuw tabblad. Waarden die niet bekend zijn, tonen "Not specified".

Een bedrijfsmiddel toont boven de naam waar het vandaan komt: "Registered asset" (geregistreerd in Command), "Discovered asset" (gevonden door ATLAS), "Imported asset" (gelezen uit een gekoppelde bron) of "Asset". Het toont de status, de kritikaliteit (Low, Medium of High) en de eigenaar, een Overview, Identity & network (soort bedrijfsmiddel, hostnaam, IP-adres, classificatie), Relationships (elk inkomend of uitgaand, met het record aan de andere kant), Discovery (hoe de bron het noemde) en Record metadata.
Een contextentiteit toont het type en de status, een Overview, de Relationships en Last update (wie de entiteit het laatst wijzigde, en wanneer).
Een relatie toont het type, de context (zakelijk, technisch of fysiek), de twee records die ze verbindt onder From en To, het Purpose, Connection details en Last update.

Selecteer een gerelateerd record om ernaartoe te springen. Selecteer Back to om terug te gaan naar het record waar je vandaan kwam. Sluit het venster met de sluitknop rechtsboven.

Een record van een bedrijfsmiddel met het overzicht, de identiteit en de relaties

Bedrijfsmiddelen kun je in MESH niet wijzigen of verwijderen. Bewerk ze of zet ze buiten gebruik in Command, zie Bedrijfsmiddelen in Command.

Een contextentiteit toevoegen

Beheerders kunnen dit doen. Een contextentiteit is iets wat belangrijk is voor je organisatie, maar wat geen enkele bron meldt: een bedrijfsdienst, een team, een persoon, een gebouw, een rack.

1
Selecteer op Workspace de optie Add context entity (de knop + boven de kaart).
2
Kies onder Category voor People & business ("People, teams and services"), Virtual ("Systems, software and networks") of Physical ("Places, equipment and devices").
3
Kies onder Entity type het type. De typen zijn:
People & business: Person, Team, Business service.
Virtual: System, Application, Infrastructure, Database, Message queue, Virtual machine, Container, Network device.
Physical: Building, Data center, Rack, Physical device, Storage device, Sensor, Vehicle.
4
Vul onder Entity details een Name in (verplicht, maximaal 300 tekens).
5
Vul eventueel een Description in (maximaal 4.000 tekens) van de rol of verantwoordelijkheid ervan in je organisatie.
6
Selecteer Add entity.
Het venster Add context entity met de categorie Physical en het type Building geselecteerd

Het venster blijft open terwijl MESH opslaat en sluit daarna. De nieuwe entiteit verschijnt op de kaart en in de lijst.

Bekijk: een contextentiteit en een relatie toevoegen (ongeveer 1,5 min)

Een contextentiteit bewerken

1
Open het record van de entiteit.
2
Selecteer Edit entity (het potlood bovenaan het venster).
3
Wijzig het type, de naam of de beschrijving.
4
Selecteer Save changes.

Een relatie toevoegen

Beheerders kunnen dit doen. Een relatie verbindt twee records: een bedrijfsmiddel en een contextentiteit, twee bedrijfsmiddelen, of twee contextentiteiten.

1
Selecteer Add relationship boven de kaart. Wil je bij een bedrijfsmiddel beginnen, open dan het record ervan en selecteer daar Add relationship: het bedrijfsmiddel staat dan al ingevuld als From.
2
Kies onder Relationship context:
Business: "Usage, ownership and dependencies", bijvoorbeeld supports, depends on, responsible for.
Technical: "Network, data and hosting", bijvoorbeeld Database connection, HTTP / HTTPS connection, hosts.
Physical: "Locations, access and equipment", bijvoorbeeld Located in, Installed in, Has physical access to.
3
Kies het Relationship type.
4
Typ onder Connect two resources een deel van een naam in From en kies het record uit de resultaten. Doe hetzelfde voor To. Je kunt zoeken op naam of type. Selecteer ⇄ om de richting om te draaien.
5
Controleer de voorvertoning, die leest als een zin, bijvoorbeeld "Grid control system Located in → Control room".
6
Beschrijf eventueel onder Connection details het Purpose (maximaal 2.000 tekens) en Protocol, port or connection details (maximaal 100 tekens). Voor technische relaties stelt MESH een waarde voor, bijvoorbeeld "SSH / TCP 22", die je kunt aanpassen.
7
Selecteer Add relationship.
Het venster Add relationship met een fysieke relatie Located in en de voorvertoning

Er is maar één relatie van elk type tussen dezelfde twee records in dezelfde richting. Voeg je die opnieuw toe, dan wordt de bestaande bijgewerkt.

Een relatie bewerken

1
Open het record van de relatie, bijvoorbeeld door de lijn op de kaart te selecteren.
2
Selecteer Edit relationship.
3
Wijzig wat nodig is en selecteer Save changes.

Context verwijderen en herstellen

Beheerders kunnen dit doen.

1
Open het record van de contextentiteit of relatie.
2
Selecteer Remove entity of Remove relationship (de prullenbak bovenaan het venster).
3
Lees de bevestiging en selecteer Remove.

Bij verwijderen blijft het record bewaard voor audits; het verschijnt alleen niet meer op de kaart. Als je een contextentiteit verwijdert, worden ook al haar relaties verwijderd.

Zo haal je een record terug:

1
Selecteer List view en vink Show removed records (list view) aan.
2
Open het verwijderde record en selecteer Restore / edit.
3
Selecteer Save changes.

Relaties die samen met een entiteit zijn verwijderd, worden niet mee hersteld. Herstel elke relatie die je nodig hebt afzonderlijk.

Mensen, workload-identiteiten en toegang

Beheerders zien drie alleen-lezen pagina's die worden gevuld vanuit je gekoppelde directory's en clouds. Ze blijven leeg totdat een bron met die dekking een import heeft voltooid.

People and groups: mensen, groepen, groepslidmaatschappen en gebruikersaccounts in de cloud.
Workload identities: serviceaccounts, service principals, managed identities, cloudrollen en applicaties.
Access inventory: rollen, policy's, roltoewijzingen en toegangsrelaties, inclusief principals die MESH niet kon herleiden.

Elke pagina toont records met Kind, Name, Address, Provider, Scope en Active, 50 per pagina. Gebruik Previous en Next om te bladeren, en selecteer een record om alle details te zien.

Activiteit

Beheerders zien Activity: een lijst met wijzigingen aan bedrijfsmiddelen in het register. De kolommen zijn Asset (de naam van het bedrijfsmiddel), Application (Command, ATLAS, of MESH voor een import uit een gekoppelde bron), Actor (de persoon die de wijziging heeft aangebracht) en At (wanneer). Selecteer een regel om te zien welke velden zijn gewijzigd.

Als MESH niet kan vaststellen wie iemand is, toont het "Workspace member".

Wijzigingen aan contextentiteiten en relaties staan hier niet. Hun record toont onder Last update wie ze het laatst heeft gewijzigd.

Hoe Command en ATLAS MESH voeden

ProductWat het toevoegtWaar je het wijzigt
CommandDe bedrijfsmiddelen die je team registreert, met eigenaar, kritikaliteit en classificatie. Command toont ook de geïmporteerde gegevens van elk bedrijfsmiddel en de beoordelingswachtrij.Bedrijfsmiddelen in Command. Zie Bedrijfsmiddelen in Command.
ATLASDe hosts en services die het op je aanvalsoppervlak ontdekt.ATLAS. Zie ATLAS.
Connected sourcesCloudresources, CMDB-items, mensen, groepen, identiteiten en toegang.Bij de bron. MESH leest die elk uur opnieuw.
MESHContextentiteiten en relaties.Workspace in MESH.

Open in Command Bedrijfsmiddelen en selecteer Gekoppelde bronnen voor een overzicht van je bronnen en de beoordelingswachtrij. Selecteer daar Open MESH om de koppelingen in MESH te beheren.

Assistenten

MESH heeft nog geen assistent.

Binnenkort
Een assistent die je bedrijfsmiddelen context geeft door de relaties ertussen automatisch te genereren.

Hoe MESH je beschermt

MESH schrijft nooit naar je bronnen. Het leest alleen.
Er gaan geen inloggegevens via je browser. Je logt in op de eigen pagina van je provider; MESH accepteert alleen de echte inlogadressen van Microsoft, Google, AWS en ServiceNow.
Er verdwijnt niets per ongeluk. Een import die niet alles kon lezen, verwijdert nooit records. Als een import een groot aantal records als verdwenen zou markeren, wacht die tot een persoon dat bevestigt. Zie Beoordelingswachtrij en importgeschiedenis.
Imports overschrijven nooit wat mensen invullen. Velden die je team beheert, zoals eigenaar en kritikaliteit, worden nooit door een import gewijzigd, en geen enkele bron overschrijft de gegevens van een andere bron.
Dubbele records worden alleen bij sterk bewijs samengevoegd. Zwakkere overeenkomsten worden een vraag voor een persoon. Een samenvoeging kan in Command weer worden gesplitst.
Verwijderen bewaart de geschiedenis. Verwijderde context en relaties worden bewaard voor audits, en de inventaris van een verwijderde bron blijft beschikbaar als verouderde gegevens, tenzij je ervoor kiest die te wissen.
Alleen een ingelogde persoon kan het register wijzigen. Elke wijziging is gekoppeld aan de persoon die haar heeft aangebracht.

Problemen oplossen

MeldingWat het betekentWat je doet
"Your workspace is ready" / "Add context entities and connect a synchronization source to build your asset graph."De pagina heeft nog geen records.Voeg een contextentiteit toe, registreer bedrijfsmiddelen in Command, of koppel een bron.
"No matching resources"Niets komt overeen met je zoekopdracht.Wis of wijzig de zoekopdracht.
"No visible nodes"Je filters of zoekopdracht verbergen alles.Selecteer Restore graph categories, of wis de zoekopdracht.
"Records could not be loaded"MESH kon het register niet ophalen.Selecteer Refresh. Blijft het mislukken, laad de pagina dan opnieuw.
"Return to the application portal to sign in."Je sessie is afgelopen.Ga terug naar het Soveryne-portaal en open MESH opnieuw.
"Enter a name."Een contextentiteit heeft een naam nodig.Typ een naam.
"Choose a resource from the results."From of To is geen record uit de lijst.Typ een deel van de naam en selecteer een resultaat.
"Choose two different resources."From en To zijn hetzelfde record.Kies voor een van beide uiteinden een ander record.
"Add a context entity or import assets first."Er is nog niets om te verbinden.Voeg eerst een contextentiteit toe of koppel een bron.
"Choose an existing active endpoint from this workspace."Een uiteinde van de relatie is verwijderd.Herstel het, of kies een ander record.
De navigatie toont alleen WorkspaceJe bent geen beheerder.Vraag een beheerder als je iets moet wijzigen.